AARDGAS : BEVOORRADINGSZEKERHEID
1. Indicatief plan van bevoorrading in aardgas
2. Prospectieve studie betreffende de zekerheid van aardgasbevoorrading
3. Studie betreffende investeringsstop op de L-gasmarkt en omschakeling op H-gas
4. Studie over het toezicht van de invoercapaciteit van aardgas
5. Studie betreffende de behoefte aan aardgasvoorziening, bevoorradingszekerheid en infrastructuurontwikkeling tussen 2009 en 2020
Gezien het laatste indicatief plan van bevoorrading in aardgas dateert van 2004 (cf punt 1. hierboven) en de publicatie van een prospectie studie aardgas door de Algemene Directie Energie uitblijft (cf punt 2 hierboven), heeft de CREG besloten om zelfstandig een toekomstanalyse uit te werken over de horizon tot 2020 die zowel de aardgasvoorziening, de bevoorradingszekerheid als de infrastructuurplanning integreert (Studie (F)090713-CREG-874+ Advies ARCG100714-049 van de Algemene Raad).
In deze studie, gedateerd van juli 2009, schat de CREG dat de Belgische aardgasvraag tot in 2020 gemiddeld met 1,74% per jaar zal toenemen, op basis van de huidige economische vooruitzichten. Ze zal vooral aangewakkerd worden door het groeiend aantal nieuwe aardgasgestookte centrales, die meer dan 60% van de investeringsbehoeften zouden vertegenwoordigen. Zo zal de elektriciteitsvoorziening meer en meer een kwestie van bevoorradingszekerheid in gas worden, waardoor er alvast nood is aan een geïntegreerd energiebeleid en het van dag tot dag opvolgen van de plannen voor de bouw van elektriciteitscentrales naargelang de economische heropleving.
De markt voor hoogcalorisch aardgas (H-gas, 72% van het Belgisch aardgasverbruik in 2008) kan op een groeiend aantal aardgasinvoerders met gevarieerde bevoorradingsbronnen rekenen. De aardgasstromen vanuit Duitsland en Nederland zullen toenemen en het aandeel Russisch aardgas in de Belgische gasbevoorrading zal tegen 2020 meer dan 16% bedragen. Op het vlak van invoercapaciteit stelt men op basis van het verbruik van 2008 een relatieve krapte vast, die zal leiden tot een contractuele congestie tot eind 2011. Die zou echter gecompenseerd worden door het investeringsplan van Fluxys, dat tevens de marktwerking zal stimuleren. Deze vooruitzichten zijn geruststellend, maar de CREG zal toch een regelmatige opvolging van de geplande investeringen verzekeren.
De markt voor laagcalorisch aardgas (L-gas, 28% van het Belgisch aardgasverbruik in 2008, vooral bestemd voor de huishoudens) is een toekomstig zorgenkind op het vlak van invoerstromen, balancering en incidentenbeheer. L-gas biedt enerzijds voordelen, gezien de nabijheid van Nederland als standvastige en soepele aardgasproducent, maar kampt anderzijds met de nadelen van een enige bevoorradingsketen. De CREG is van mening dat er op middellange termijn politieke keuzes voor deze markt nodig zijn en, in afwachting van de vereiste beslissingen, raadt ze aan erop toe te zien dat deze markt stagneert op het niveau van de invoercapaciteit en dat de groei van de vraag opgevangen wordt door sommige grote L-gasklanten om te schakelen op H-gas.
De belangrijke doorvoerstromen die het land doorkruisen, de Hub van Zeebrugge, de koppeling met de aanliggende netwerken en de vele aardgasbronnen waarmee het Belgische vervoersnet verbonden is, bezorgen België een bijzondere plaats in de Europese aardgasbevoorrading. De CREG vindt het belangrijk dat het Belgische energiebeleid deze centrale positie steunt en promoot, zowel omwille van de bevoorradingszekerheid en de flexibiliteit als vanwege het economische belang.


