Samenvatting

Op 14 februari 2022 werd de elektriciteitswet gewijzigd om de bouw en exploitatie van energieopslagfaciliteiten te onderwerpen aan een voorafgaande vergunning die vergelijkbaar is met de vergunning die vereist is voor de productie van elektriciteit. Behalve voor de bestaande opslaginstallaties moet er een dergelijke vergunning zijn toegekend om te kunnen deelnemen aan een veiling in het kader van het capaciteitsvergoedingsmechanisme. Daarom diende de koning, na advies van de CREG, de voorwaarden, modaliteiten en procedure voor de toekenning van een dergelijke vergunning op te stellen.

Op 24 februari 2022 verleende de CREG een advies (A) 2354 over een eerste ontwerp van koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 11 oktober 2000 betreffende de toekenning van individuele vergunningen voor de bouw van installaties voor de productie van elektriciteit. Als gevolg van de intrekking van dit ontwerp werd er een tweede ontwerp van koninklijk besluit (ontwerp van koninklijk besluit betreffende de toekenning van de individuele vergunningen voor de bouw en exploitatie van nieuwe energieopslagfaciliteiten waarvoor een prekwalificatiedossier wordt ingediend in het jaar 2022 overeenkomstig artikel 7undecies, § 8, van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt) aan de CREG voorgelegd. Op 15 maart 2022 verleende de CREG daar een advies (A)2362 over. Het definitieve koninklijk besluit, van 29 maart 2022, werd op 4 april 2022 gepubliceerd.

Download het document (pdf, 344.76 KB)

Datum van goedkeuring

Referentie

Advies (A)2362