Prijzen elektriciteit

Studie over het effect van de NorNed kabel op de Day Ahead elektriciteitsprijzen in Nederland, Duitsland en België

NorNed is een onderzeese installatie met een capaciteit van 700 MW voor de transmisie van gelijkstroom op hoge spanning tussen Noorwegen en Nederland. Deze investering van 600 miljoen euro zou de liquiditeit van de day ahead-markten van Nord Pool en APX verhogen en de volaliteit van hun prijzen verlagen. De commerciële exploitatie van deze kabel is gestart op 6 mei 2008. In deze studie gaat men in op bepaalde concepten in verband met interconnecties en de historiek van de NorNed kabel. Ook bestudeert men het effect van deze kabel op de Nederlandse, Duitse en Belgische day ahead-markten en analyseert men de recente aankoppeling van deze kabel.

Studie over de componenten van de elektriciteits- en aardgasprijzen

Deze jaarlijks uitgevoerde studie onderzoekt de evolutie van de elektriciteits- en aardgasprijs aan de eindafnemer aangesloten aan de distributienetten voor de periode 2003-2010. Zo stelt men de bijdrage van de verschillende componenten aan de prijsevoluties vast. Dergelijke studie over de componenten van de elektriciteits- en aardgasprijzen werd voor het eerst uitgevoerd in 2008 en de CREG brengt hiervan jaarlijks een update uit. Deze allesomvattende studie van de retailprijzen geeft immers belangrijke inzichten in de evolutie van de speciefieke samenstellende delen van de elektriciteits- en aardgasprijzen.

Study of the comparison of electricity prices for a household consuming 3,500 kWh grey electricity (single tariff) in Brussels, Paris, Berlin, Amsterdam and London

Deze studie wil de kostenstructuur van de elektriciteit in juni 2010 in Brussel vergelijken met deze van de hoofdsteden van verschillende buurlanden. De klant in kwestie is een residentiële gebruiker, met een gehuurde enkelvoudige meter, die jaarlijks 3.500 kWh aan grijze elektriciteit verbruikt, met een vermogen van 6 tot 12 kVA of een maximale stroom van 80 A in monofase. De studie besluit dat de elektriciteit in Brussel voor een standaardgezin veel meer kost dan in andere Europese hoofdsteden, behalve in Berlijn. Men voegt toe dat Brussel de duurste stad is als men een abstractie maakt van de milieupolitiek, die een grote invloed uitoefent op de elektriciteitskost in Berlijn. Ook stelt men vast dat de Brusselse leveranciers de hoogste omzet per klant noteren, met uitzondering van de Londense leveranciers.

Studie over de vergelijking van de elektriciteitsprijzen voor een gezin met een verbruik van 3.500 kWh grijze elektriciteit (enkelvoudig tarief) in Brussel, Parijs, Berlijn, Amsterdam en Londen

Deze studie wil de kostenstructuur van de elektriciteit in juni 2010 in Brussel vergelijken met deze van de hoofdsteden van verschillende buurlanden. De klant in kwestie is een residentiële gebruiker, met een gehuurde enkelvoudige meter, die jaarlijks 3.500 kWh aan grijze elektriciteit verbruikt, met een vermogen van 6 tot 12 kVA of een maximale stroom van 80 A in monofase. De studie besluit dat de elektriciteit in Brussel voor een standaardgezin veel meer kost dan in andere Europese hoofdsteden, behalve in Berlijn. Men voegt toe dat Brussel de duurste stad is als men een abstractie maakt van de milieupolitiek, die een grote invloed uitoefent op de elektriciteitskost in Berlijn. Ook stelt men vast dat de Brusselse leveranciers de hoogste omzet per klant noteren, met uitzondering van de Londense leveranciers.

Studie over de kwaliteit van de Nc-parameter

De Nationale Bank van België vergelijkt in haar studie ‘Methodologie of prijszetting: wat verklaart de grotere volatiliteit van de consumptieprijzen voor gas en elektriciteit in België’ de Belgische elektriciteitsprijs met deze van de drie buurlanden. Zij merkt op dat de prijzen in België sinds 2007 duidelijk hoger en volatieler zijn. Ze concludeert dat deze volatiliteit samenhangt met de stijging van de distributie- en transmissietarieven, maar ook met de intrinsieke kenmerken van de prijsbepaling voor elektriciteit en gas in België en dat deze prijzen in 2008 veel hoger waren dan die uit de eurozone. Naar aanleiding van deze opmerkingen en de besluiten over het belang van de publicatie van de parameter heeft de CREG een grondige studie gemaakt over de kwaliteit van de Nc-parameter. Omdat deze parameter in een gereguleerde marktcontext werd ingevoerd, wil deze studie bepalen of de Nc-parameter nog representatief is voor het kostenverloop van de brandstoffen en of men eventuele wijzigingen moet aanbrengen om zijn nut op de huidige markt te vrijwaren.

Studie over de impact van de stopzetting van de kerncentrales op de verkoopprijs van elektriciteit aan de huishoudelijke eindafnemer

Deze studie analyseert de impact van de stopzetting van de kerncentrales op de indexeringsparameter Nc en de verkoopprijs van elektriciteit aan de eindafnemer. Men voert deze berekening uit in het huidige systeem en gaat uit van ongewijzigde indexeringsparameters en tarieven. Dit veronderstelt dat de gesloten kerncentrales worden vervangen door moderne TGV-centrales die worden voorzien van gas, aangekocht op de Hub van Zeebrugge. De parameter Ne, die de andere kosten dan de brandstoffen vertegenwoordigt, blijft ongewijzigd. Men onderzoekt twee gevallen. Enerzijds simuleert men de stopzetting van de drie oudste kerncentrales vanaf januari 2010, anderzijds de volledige stopzetting van alle kerncentrales vanaf januari 2010.

Studie betreffende de haalbaarheid van de invoering van een progressieve prijszetting van elektriciteit in België

Deze studie geeft een advies over de haalbaarheid van de invoering van een progressieve prijszetting van elektriciteit in België, rekening houdend met de juridische aspecten, de verdeling van de bevoegdheden en de impact op de verschillende categorieën van inkomsten. Het advies houdt rekening met de ervaring met de progressieve prijszetting in Japan en Californië. De studie bepaalt eerst wat men verstaat onder een progressieve prijszetting en beschrijft de doelstelling(en) van de invoering van een dergelijke prijszetting. Hierna onderzoekt ze de impact van deze prijszetting op de categorieën van inkomsten.

Studie aanvullend bij studie (F)060309-CDC-537 over 'de impact van het systeem van CO2-emissierechten op de elektriciteitsprijs in België in 2009’

Deze studie analyseert voor het jaar 2009 verder de impact van het Europese systeem voor de uitwisseling van emissierechten op de elektriciteitsprijs. Deze analyse vatte de CREG in 2006 aan in studie F060309-CDC-537 en werd voor de periode 2005-2007 bijgewerkt in studie F080515-CDC-766. Voor een aantal punten verwijst men de lezer door naar deze twee voorgaande studies. De CREG besluit dat het niet mogelijk is om de impact van de prijs van de emissierechten op de elektriciteitsprijs nauwkeurig te bepalen. Wel stelt zij vast dat men de CO2-opportuniteitskosten van de marginale productie-eenheid geheel of gedeeltelijk zou kunnen integreren in de verkoopprijs van elektriciteit. Deze prijsstijging laat de elektriciteitsproducenten aangesloten op het Belgische transportnet toe om een windfall profit te realiseren van 1.665 miljoen euro voor de periode 2005-2009.

Print Contact